Klagen is erom vragen
Mariëlle Boersen • 30 mei 2019
Je kent ze vast, van die mensen die overal het positieve in zien. Of juist die types die bij alles wel een minpuntje weten te vinden. Misschien herken je dit wel in jezelf en mogelijk zie je dit als een vaststaand gegeven. Je bent nu eenmaal... Fout. Hoe je denkt te zijn, staat helemaal niet vast. Je kunt op ieder moment een andere keuze maken. Misschien gaat het niet vanzelf of niet makkelijk, maar het kan wel. Door jezelf er steeds weer op te wijzen dat het anders kan.
Zo was ik zelf van het type 'ja maar' en nog steeds mag ik hier vaak heerlijk op terugvallen in rollenspelen. Het is namelijk een type dat veel weerstand oproept. Denk je klaar te zijn met een vergadering, komt er nog zo'n opmerking achteraf. 'Heb je haar weer 'of 'Het zijn ook altijd dezelfden' hoor je dan mompelen.
Een focus op het negatieve, op dat wat er ontbreekt of nog niet goed is, is niet slechts irritant. Het kan ook handig zijn. Denk maar eens aan het construeren van bruggen waar dagelijks duizenden mensen over rijden, of aan het bouwen van een vliegtuig. Toch fijn als iemand nog even op een onvolkomenheid wijst voordat zoiets in productie gaat.
Het klagen, 'ja maar-en' of kritisch zijn kan dus handig zijn op bepaalde momenten. Als het echter een levenshouding wordt, dan wordt het voor jezelf ook minder leuk. Dan kun je niet meer genieten van een dagje strand ('Er stond wel erg veel wind'), een verjaardag ('Oh, dan zit ik vast weer naast tante Jans, dat gezemel' (soort zoekt soort)), of een vakantie ('Het wordt met het jaar drukker.'). Dan lijkt ineens alles minder leuk. Klagen is dan erom vragen: 'Zie je wel, er is ook altijd wat'.
En inderdaad, er zijn altijd negatieve dingen te vinden, bij alles. Maar ook positieve. Het is maar net waar je de nadruk op legt. Als je klaagt, krijg je een rotgevoel, als je let op de positieve dingen, word je blij. Het is maar wat je wilt.
Waar je op focust, groeit. Zo zie je altijd meer auto's rijden van het merk dat je van plan bent te kopen, of meer honden van het soort waar je bang voor bent. Omdat je aandacht daar naar uitgaat. Dit wordt de aandachtsbias genoemd.
Als je graag meer leuke dingen in je leven hebt, is het makkelijk om dit voor elkaar te krijgen: door je erop te focussen. Je ziet dan het zonnestraaltje tussen de wolken door, je gaat op vakantie in de drukte lekker mensen kijken en je zit op verjaardagen een keer niet naast tante Jans. Je zult merken dat je stemming verbetert en je positievere mensen aantrekt.
Het klinkt misschien simpel, maar pas het een tijdje toe. Zodra je merkt dat je in een negatieve stemming geraakt (terwijl dat niet hoeft), verander je je focus. Eerst geforceerd, later vanzelf.
Ik ben inmiddels een positiever mens geworden. Ja EN dat bevalt me een stuk beter. Al kan ik het 'ja maar-en' nog steeds toepassen, maar dan als bewuste keuze. Soms ook best lekker.

Elk kind heeft dezelfde vijf basisbehoeften. Als hier niet aan wordt voldaan, past een kind zich aan om de situatie zo goed mogelijk te doorstaan. Zo ontstaan er een onbewuste adaptieve overlevingsstijlen die als kind functioneel waren, maar die je als volwassene kunnen belemmeren. We onderscheiden de volgende tekorten in basisbehoeften en de daarbij behorende overlevingsstijlen: Verbinding: Je raakt het contact met je lichaam en emoties kwijt, waardoor het moeilijk wordt om relaties aan te gaan. A fstemming: Je negeert je eigen behoeften of weet niet goed wat je nodig hebt. Vertrouwen: Je hebt moeite met vertrouwen en afhankelijkheid, waardoor je het lastig vindt hulp te vragen of steun te ontvangen. Autonomie: Grenzen aangeven voelt bedreigend, je durft geen nee te zeggen of je mening te uiten zonder schuld of angst. Liefde-seksualiteit: Je hebt moeite met het openen van je hart en het aangaan van liefdevolle, vitale relaties. Het NeuroAffective Relational Model (NARM) kijkt functioneel naar het verleden: alleen wanneer oude pijn het heden belemmert, wordt dit onderzocht. Zo ontstaat ruimte voor herstel en groei, zonder te blijven hangen in het verleden. In een sessie word je uitgenodigd om een actuele situatie te onderzoeken waarin je vastloop t . Samen onderzoeken w e wat je lichamelijk en emotioneel ervaart—misschien voel je spanning in je buik of een terugtrekkende beweging. De kunst is deze gevoelens te erkennen zonder oordeel , maar mild en met aandacht. Zo kun je ontdekken welke oude overlevingsstrategie zich nu aandient (bijvoorbeeld: jezelf afsluiten om pijn te vermijden). Door in het moment stil te staan bij wat je werkelijk nodig hebt, ontstaat meer helderheid. H et helpt om dan een kleine stap te zetten, zoals het benoemen van je behoefte aan verbinding, en te ervaren dat het veilig is dit uit te spreken. Zo word en in een sessie niet alleen patronen inzichtelijk gemaakt, maar wordt er ook ruimte gecreëerd om vanuit het nu te kiezen voor meer authenticiteit en contact, voor heling en groei. Bron en boekentip: Ontwikkelingstrauma helen, Laurence Heller

Soms is het moeilijk onder woorden te brengen waar je mee zit. Of je wilt niet herbeleven wat je zo geraakt heeft. Of je zit met trauma's uit een periode waarin je nog geen taal had. Dan is het fijn om een verwerkingsmethode te hebben die met het pre-verbale en pre-cognitieve deel van je hersenen werkt. Brainspotting werkt met dit onderbewuste deel van je brein om trauma's en andere diepgewortelde blokkades te verwerken en te helen. Brainspotting is een hersengebaseerde therapie die door dr. David Grand, trauma-expert, is ontwikkeld vanuit EMDR. Door middel van bepaalde oogposities wordt er verbinding gemaakt met het brein en het lichaam. Het klinkt misschien vreemd, maar door te kijken naar het puntje van een aanwijsstok, komen er processen op gang die helpen bij de verwerking van oud zeer en trauma's. Traumatische ervaringen zijn ervaringen die op dat moment niet verwerkt konden worden en die als het ware in een soort capsule in het brein bewaard worden om op een later moment te verwerken. Bij brainspotting kun je door de oogposities toegang krijgen tot die capsules. De verwerking is op onbewust niveau, gaat vaak in golven en kan bestaan uit tranen, boosheid, oogbewegingen, schokkerige bewegingen, een misselijk gevoel, gapen, etc. Hoe de verwerking zich uit, verschilt per persoon en per keer. De verwerking gaat na een sessie vaak nog door. Het mooie is dat we het niet hoeven te begrijpen en het niet kunnen sturen. Het limbische systeem neemt het van ons over en verwerkt alsnog wat vroeger niet verwerkt kon worden. De laatste jaren wordt er steeds meer onderzoek naar deze methode gedaan en komt er steeds meer erkenning voor. Mocht je interesse hebben een brainspotting sessie te ondergaan, laat het me weten.