What you see is what you get

Mariëlle Boersen • 31 mei 2017
Focus je op de dingen die goed gaan en op kwaliteiten? Of is jouw kritische stem met name aan het woord en let je vooral op 'fouten' en tekortkomingen? Als je bewust kiest voor wat je zegt en denkt over jezelf en over anderen, kun je je zelfbeeld en je wereldbeeld positief beïnvloeden. En dat leeft een stuk leuker!

Rond het begin van onze jaartelling schreef Ovidius over Pygmalion, een beeldhouwer die een wit, ivoren beeld maakte van een mooie, jonge vrouw waar hij hevig verliefd op werd. Hij bad de goden dat zij hem deze vrouw gaven en Venus vervulde zijn wens. Het beeld kwam onder zijn lippen en omhelzingen tot leven en ze leefden waarschijnlijk nog lang en gelukkig.

De kern van dit verhaal is dat het beeld dat in jezelf leeft werkelijkheid wordt. Je verwachtingen komen uit. In 1968 beschreven Rosenthal en Jacobson het onderzoek ‘Pygmalion in the classroom’. Op een lagere school in California deden alle leerlingen een IQ test. De leraren kregen de uitslagen niet te zien. Hen werd verteld dat van zo’n 20 % van de leerlingen veel verwacht kon worden. De leraren kregen de namen van deze kinderen te horen. Deze namen waren echter willekeurig gekozen, ze stonden los van de resultaten van de IQ test.

Aan het eind van het onderzoek werd dezelfde IQ test gebruikt. Wat bleek? Met name bij de jongste kinderen werd heel duidelijk zichtbaar wie tot de zogenaamde veelbelovende groep had gehoord. De leerlingen waarvan de leraren dachten dat ze veelbelovend waren, scoorden significant hoger. De verwachtingen van de leraren werden een self-fulfilling prophecy, ze kwamen uit: het Pygmalion effect, ook wel het ‘observer-expectancy effect. 

Het beeld dat de leerkracht heeft, blijkt meer voorspellende waarde te hebben dan IQ-scores, de thuissituatie of eerder vertoond gedrag. Het referentiekader van de docent werkt als een filter. Het bepaalt zijn aanpak, wat hij ziet en hoe hij reageert. Zijn verwachtingen kleuren zijn waarneming en interpretatie. Maar ze hebben ook effect op de leerlingen. Doordat de leraar een bepaalde verwachting uitstraalt en ander gedrag vertoont, wordt de leerling gestimuleerd gedrag te vertonen dat overeenstemt met deze verwachting. De leraar let daarbij op de signalen die zijn beeld bevestigen (confirmatieneiging) en stimuleert dit gedrag waardoor dit nog meer bekrachtigd wordt. 

De lichaamstaal van de leraar is bemoedigender naar de leerlingen waarvan hij denkt dat deze intelligent, veelbelovend en bekwaam zijn, hij is toleranter naar hen. Bij de leerlingen die (willekeurig) als dom en lastig worden bestempeld, reageert zo'n leraar eerder kortaf, geïrriteerd en ongeïnteresseerd, wat natuurlijk effect heeft op de reactie van het kinderen. Die gedragen zich ook zoals van ze verwacht wordt.
Inmiddels mogen deze onderzoeken niet meer omdat ze schadelijk zijn voor de kinderen. 
Maar stel je eens de volgende twee situaties voor:

Situatie 1: Je krijgt continu te horen dat je niets kan, ze vinden je lui of juist te druk, nergens goed voor, een hopeloos geval. Als je iets doet, wordt er gezegd: 'Nee, doe maar niet, dat kun je toch niet, laat maar.' 

Situatie 2: Je krijgt continu te horen dat je leuk en aardig bent, ze vinden je intelligent en waarderen je prestaties. Als je iets doet, wordt er gezegd: 'Wat doe je dat goed, zie je wel dat je het kan.'

Ga eens na wat voor effect het kan hebben als je vertrouwen uitspreekt en uitstraalt naar jezelf en naar een ander. Het beeld dat je voor ogen hebt kan zomaar ineens tot leven komen!


door Marielle Boersen 10 april 2026
Elk kind heeft dezelfde vijf basisbehoeften. Als hier niet aan wordt voldaan, past een kind zich aan om de situatie zo goed mogelijk te doorstaan. Zo ontstaan er een onbewuste adaptieve overlevingsstijlen die als kind functioneel waren, maar die je als volwassene kunnen belemmeren. We onderscheiden de volgende tekorten in basisbehoeften en de daarbij behorende overlevingsstijlen: Verbinding: Je raakt het contact met je lichaam en emoties kwijt, waardoor het moeilijk wordt om relaties aan te gaan. A fstemming: Je negeert je eigen behoeften of weet niet goed wat je nodig hebt. Vertrouwen: Je hebt moeite met vertrouwen en afhankelijkheid, waardoor je het lastig vindt hulp te vragen of steun te ontvangen. Autonomie: Grenzen aangeven voelt bedreigend, je durft geen nee te zeggen of je mening te uiten zonder schuld of angst. Liefde-seksualiteit: Je hebt moeite met het openen van je hart en het aangaan van liefdevolle, vitale relaties. Het NeuroAffective Relational Model (NARM) kijkt functioneel naar het verleden: alleen wanneer oude pijn het heden belemmert, wordt dit onderzocht. Zo ontstaat ruimte voor herstel en groei, zonder te blijven hangen in het verleden. In een sessie word je uitgenodigd om een actuele situatie te onderzoeken waarin je vastloop t . Samen onderzoeken w e wat je lichamelijk en emotioneel ervaart—misschien voel je spanning in je buik of een terugtrekkende beweging. De kunst is deze gevoelens te erkennen zonder oordeel , maar mild en met aandacht. Zo kun je ontdekken welke oude overlevingsstrategie zich nu aandient (bijvoorbeeld: jezelf afsluiten om pijn te vermijden). Door in het moment stil te staan bij wat je werkelijk nodig hebt, ontstaat meer helderheid. H et helpt om dan een kleine stap te zetten, zoals het benoemen van je behoefte aan verbinding, en te ervaren dat het veilig is dit uit te spreken. Zo word en in een sessie niet alleen patronen inzichtelijk gemaakt, maar wordt er ook ruimte gecreëerd om vanuit het nu te kiezen voor meer authenticiteit en contact, voor heling en groei. Bron en boekentip: Ontwikkelingstrauma helen, Laurence Heller
door Marielle Boersen 2 april 2026
Soms is het moeilijk onder woorden te brengen waar je mee zit. Of je wilt niet herbeleven wat je zo geraakt heeft. Of je zit met trauma's uit een periode waarin je nog geen taal had. Dan is het fijn om een verwerkingsmethode te hebben die met het pre-verbale en pre-cognitieve deel van je hersenen werkt. Brainspotting werkt met dit onderbewuste deel van je brein om trauma's en andere diepgewortelde blokkades te verwerken en te helen. Brainspotting is een hersengebaseerde therapie die door dr. David Grand, trauma-expert, is ontwikkeld vanuit EMDR. Door middel van bepaalde oogposities wordt er verbinding gemaakt met het brein en het lichaam. Het klinkt misschien vreemd, maar door te kijken naar het puntje van een aanwijsstok, komen er processen op gang die helpen bij de verwerking van oud zeer en trauma's. Traumatische ervaringen zijn ervaringen die op dat moment niet verwerkt konden worden en die als het ware in een soort capsule in het brein bewaard worden om op een later moment te verwerken. Bij brainspotting kun je door de oogposities toegang krijgen tot die capsules. De verwerking is op onbewust niveau, gaat vaak in golven en kan bestaan uit tranen, boosheid, oogbewegingen, schokkerige bewegingen, een misselijk gevoel, gapen, etc. Hoe de verwerking zich uit, verschilt per persoon en per keer. De verwerking gaat na een sessie vaak nog door. Het mooie is dat we het niet hoeven te begrijpen en het niet kunnen sturen. Het limbische systeem neemt het van ons over en verwerkt alsnog wat vroeger niet verwerkt kon worden. De laatste jaren wordt er steeds meer onderzoek naar deze methode gedaan en komt er steeds meer erkenning voor. Mocht je interesse hebben een brainspotting sessie te ondergaan, laat het me weten.
Meer posts