Stilte bij weerstand
Mariëlle Boersen • 21 november 2018
Bij elke training of rollenspel leer ik zelf ook weer bij. Zo werd ik er laatst weer aan herinnerd hoe krachtig stilte kan zijn.
Ik deed een aantal rollenspelen in de kinderopvang. Het ging over omgaan met weerstand van ouders. De vertrouwde principes als 'Laat OMA thuis' (Overtuigingen, Meningen, Aannames) en 'Communiceer als een OEN' (Open, Eerlijk, Nieuwsgierig) waren in de praktijk al toegepast en men was wildenthousiast.
Toch ging men bij het oefenen weer veelvuldig in de 'fout'. Bij voorbaat ging men ervan uit dat de ouder moeilijk zou doen en dat het een lastig gesprek zou worden (OMA). Men vergaarde munitie om op de ouder af te vuren uit verdediging of om deze te overtuigen van het eigen gelijk. Begrijpelijk, maar niet handig.
Na een aantal 'welles-nietes' discussies, kwam er inzicht. Het ging niet om het winnen, maar om het meedenken met de ander, de ander aan het woord laten, luisteren naar wat hij zegt, denkt en voelt. Om pas daarna je eigen mening, gevoel of standpunt aan te geven en er samen uit te komen. Het JIJ-IK-WIJ principe.
Dit werd prachtig gedemonstreerd door een van de pedagogisch medewerksters. Ze maakte oogcontact, stelde open vragen, luisterde belangstellend, knikte, humde, vroeg of ze het goed begreep en .... was stil. Dit was zo krachtig dat ik, die toch zo graag moeilijk doet als het kan, geraakt werd en kon vertellen wat me nu werkelijk dwars zat (in mijn rol).
Door de stilte kreeg de gesprekspartner, ik in dit geval, de ruimte om te zeggen wat me nu echt van het hart moest. Door niet in strijd te gaan, maar even stil te zijn en oprecht te luisteren, kwamen we naar elkaar toe. Weerstand verdween toen de stilte verscheen.

Elk kind heeft dezelfde vijf basisbehoeften. Als hier niet aan wordt voldaan, past een kind zich aan om de situatie zo goed mogelijk te doorstaan. Zo ontstaan er een onbewuste adaptieve overlevingsstijlen die als kind functioneel waren, maar die je als volwassene kunnen belemmeren. We onderscheiden de volgende tekorten in basisbehoeften en de daarbij behorende overlevingsstijlen: Verbinding: Je raakt het contact met je lichaam en emoties kwijt, waardoor het moeilijk wordt om relaties aan te gaan. A fstemming: Je negeert je eigen behoeften of weet niet goed wat je nodig hebt. Vertrouwen: Je hebt moeite met vertrouwen en afhankelijkheid, waardoor je het lastig vindt hulp te vragen of steun te ontvangen. Autonomie: Grenzen aangeven voelt bedreigend, je durft geen nee te zeggen of je mening te uiten zonder schuld of angst. Liefde-seksualiteit: Je hebt moeite met het openen van je hart en het aangaan van liefdevolle, vitale relaties. Het NeuroAffective Relational Model (NARM) kijkt functioneel naar het verleden: alleen wanneer oude pijn het heden belemmert, wordt dit onderzocht. Zo ontstaat ruimte voor herstel en groei, zonder te blijven hangen in het verleden. In een sessie word je uitgenodigd om een actuele situatie te onderzoeken waarin je vastloop t . Samen onderzoeken w e wat je lichamelijk en emotioneel ervaart—misschien voel je spanning in je buik of een terugtrekkende beweging. De kunst is deze gevoelens te erkennen zonder oordeel , maar mild en met aandacht. Zo kun je ontdekken welke oude overlevingsstrategie zich nu aandient (bijvoorbeeld: jezelf afsluiten om pijn te vermijden). Door in het moment stil te staan bij wat je werkelijk nodig hebt, ontstaat meer helderheid. H et helpt om dan een kleine stap te zetten, zoals het benoemen van je behoefte aan verbinding, en te ervaren dat het veilig is dit uit te spreken. Zo word en in een sessie niet alleen patronen inzichtelijk gemaakt, maar wordt er ook ruimte gecreëerd om vanuit het nu te kiezen voor meer authenticiteit en contact, voor heling en groei. Bron en boekentip: Ontwikkelingstrauma helen, Laurence Heller

Soms is het moeilijk onder woorden te brengen waar je mee zit. Of je wilt niet herbeleven wat je zo geraakt heeft. Of je zit met trauma's uit een periode waarin je nog geen taal had. Dan is het fijn om een verwerkingsmethode te hebben die met het pre-verbale en pre-cognitieve deel van je hersenen werkt. Brainspotting werkt met dit onderbewuste deel van je brein om trauma's en andere diepgewortelde blokkades te verwerken en te helen. Brainspotting is een hersengebaseerde therapie die door dr. David Grand, trauma-expert, is ontwikkeld vanuit EMDR. Door middel van bepaalde oogposities wordt er verbinding gemaakt met het brein en het lichaam. Het klinkt misschien vreemd, maar door te kijken naar het puntje van een aanwijsstok, komen er processen op gang die helpen bij de verwerking van oud zeer en trauma's. Traumatische ervaringen zijn ervaringen die op dat moment niet verwerkt konden worden en die als het ware in een soort capsule in het brein bewaard worden om op een later moment te verwerken. Bij brainspotting kun je door de oogposities toegang krijgen tot die capsules. De verwerking is op onbewust niveau, gaat vaak in golven en kan bestaan uit tranen, boosheid, oogbewegingen, schokkerige bewegingen, een misselijk gevoel, gapen, etc. Hoe de verwerking zich uit, verschilt per persoon en per keer. De verwerking gaat na een sessie vaak nog door. Het mooie is dat we het niet hoeven te begrijpen en het niet kunnen sturen. Het limbische systeem neemt het van ons over en verwerkt alsnog wat vroeger niet verwerkt kon worden. De laatste jaren wordt er steeds meer onderzoek naar deze methode gedaan en komt er steeds meer erkenning voor. Mocht je interesse hebben een brainspotting sessie te ondergaan, laat het me weten.