Online zeilen
Marielle Boersen • 17 maart 2021
Wat doe je als MBO student met je buitenlandstage? Die volg je gewoon vanuit huis! Voor MBO Rijnland begeleid ik een twintigtal eerstejaars studenten bij hun stage in Barcelona. Twee dagen in de week zijn zij bezig met het benaderen van de Nederlandse markt voor Barcelonasail. Zij helpen de sociale media te verbeteren, bedenken evenementen en bereiden presentaties voor, o.a. over duurzaamheid. Want dit bedrijf organiseert regelmatig een dag waarbij vrijwilligers tijdens een zeiltochtje plastic uit zee vissen.
Mooi om te zien hoe de leerlingen zich verder ontwikkelen in het schrijven van cv's en sollicitatiebrieven, hoe ze leren na te denken over persoonlijke doelen, feedback geven, zelf hun agenda beheren, vergaderingen inplannen, zelfstandig werken, meedenken, vragen stellen, brainstormen en met ideeën komen. En soms ook niet. Want motivatie voor schoolwerk is voor een aantal altijd al lastig, online helemaal. Een camera aanzetten is niet vanzelfsprekend. Als je niet in beeld bent of 'de techniek doet het niet' is het niet altijd duidelijk of iemand er is. Op een algemene vraag antwoord geven doen slechts weinigen. Het is nog even zoeken hoe dat dan gaat, stage lopen, voor een echt bedrijf, online, met leerlingen van andere studies die je daarvoor nooit eerder hebt ontmoet en zelf je werk inplannen.
Voor mij was het ook even wennen, het zeer kleine aantal mensen dat in beeld verschijnt, de lange stiltes als ik een vraag stel, het eindeloos herhalen wat er verwacht wordt en waar iets te vinden valt. Ik werd ineens een strenge juf. Maar al doende wordt het steeds leuker. Met name als je merkt dat sommige leerlingen bijzonder gemotiveerd zijn, je verbazen met hun initiatief of de snelheid waarmee ze iets opleveren en inzicht geven in hoe zij tegen dingen aankijken. Of als je een persoonlijk gesprek hebt over dingen die ertoe doen.
Met elkaar maken we er iets van. Bij de een gaat dat dus beter dan bij de ander, maar wat mooi dat dit kan!

Elk kind heeft dezelfde vijf basisbehoeften. Als hier niet aan wordt voldaan, past een kind zich aan om de situatie zo goed mogelijk te doorstaan. Zo ontstaan er een onbewuste adaptieve overlevingsstijlen die als kind functioneel waren, maar die je als volwassene kunnen belemmeren. We onderscheiden de volgende tekorten in basisbehoeften en de daarbij behorende overlevingsstijlen: Verbinding: Je raakt het contact met je lichaam en emoties kwijt, waardoor het moeilijk wordt om relaties aan te gaan. A fstemming: Je negeert je eigen behoeften of weet niet goed wat je nodig hebt. Vertrouwen: Je hebt moeite met vertrouwen en afhankelijkheid, waardoor je het lastig vindt hulp te vragen of steun te ontvangen. Autonomie: Grenzen aangeven voelt bedreigend, je durft geen nee te zeggen of je mening te uiten zonder schuld of angst. Liefde-seksualiteit: Je hebt moeite met het openen van je hart en het aangaan van liefdevolle, vitale relaties. Het NeuroAffective Relational Model (NARM) kijkt functioneel naar het verleden: alleen wanneer oude pijn het heden belemmert, wordt dit onderzocht. Zo ontstaat ruimte voor herstel en groei, zonder te blijven hangen in het verleden. In een sessie word je uitgenodigd om een actuele situatie te onderzoeken waarin je vastloop t . Samen onderzoeken w e wat je lichamelijk en emotioneel ervaart—misschien voel je spanning in je buik of een terugtrekkende beweging. De kunst is deze gevoelens te erkennen zonder oordeel , maar mild en met aandacht. Zo kun je ontdekken welke oude overlevingsstrategie zich nu aandient (bijvoorbeeld: jezelf afsluiten om pijn te vermijden). Door in het moment stil te staan bij wat je werkelijk nodig hebt, ontstaat meer helderheid. H et helpt om dan een kleine stap te zetten, zoals het benoemen van je behoefte aan verbinding, en te ervaren dat het veilig is dit uit te spreken. Zo word en in een sessie niet alleen patronen inzichtelijk gemaakt, maar wordt er ook ruimte gecreëerd om vanuit het nu te kiezen voor meer authenticiteit en contact, voor heling en groei. Bron en boekentip: Ontwikkelingstrauma helen, Laurence Heller

Soms is het moeilijk onder woorden te brengen waar je mee zit. Of je wilt niet herbeleven wat je zo geraakt heeft. Of je zit met trauma's uit een periode waarin je nog geen taal had. Dan is het fijn om een verwerkingsmethode te hebben die met het pre-verbale en pre-cognitieve deel van je hersenen werkt. Brainspotting werkt met dit onderbewuste deel van je brein om trauma's en andere diepgewortelde blokkades te verwerken en te helen. Brainspotting is een hersengebaseerde therapie die door dr. David Grand, trauma-expert, is ontwikkeld vanuit EMDR. Door middel van bepaalde oogposities wordt er verbinding gemaakt met het brein en het lichaam. Het klinkt misschien vreemd, maar door te kijken naar het puntje van een aanwijsstok, komen er processen op gang die helpen bij de verwerking van oud zeer en trauma's. Traumatische ervaringen zijn ervaringen die op dat moment niet verwerkt konden worden en die als het ware in een soort capsule in het brein bewaard worden om op een later moment te verwerken. Bij brainspotting kun je door de oogposities toegang krijgen tot die capsules. De verwerking is op onbewust niveau, gaat vaak in golven en kan bestaan uit tranen, boosheid, oogbewegingen, schokkerige bewegingen, een misselijk gevoel, gapen, etc. Hoe de verwerking zich uit, verschilt per persoon en per keer. De verwerking gaat na een sessie vaak nog door. Het mooie is dat we het niet hoeven te begrijpen en het niet kunnen sturen. Het limbische systeem neemt het van ons over en verwerkt alsnog wat vroeger niet verwerkt kon worden. De laatste jaren wordt er steeds meer onderzoek naar deze methode gedaan en komt er steeds meer erkenning voor. Mocht je interesse hebben een brainspotting sessie te ondergaan, laat het me weten.